Scheepswrak uit 1647 gevonden in Marstunnel

Op 26 november 2014 meldde de aannemer die de Marstunnel bouwt de vondst van houtresten die mogelijk van een schip waren. Omdat dit gebied op een voormalige riviergeul ligt, hielden de Zutphense archeologen al rekening met de mogelijke vondst van scheepswrakken. Toch is een daadwerkelijke vondst heel bijzonder.

Bergen en verhuizen

Uitgraven van de praam in ZutphenIn 8 dagen hebben de archeologen het schip vrijgelegd, gedocumenteerd en geborgen. Doordat de tunnel werd gegraven in verontreinigde bodem, moest dit op een veilige manier gebeuren. Vrijwilligers, specialisten, pers en publiek mochten niet op het terrein komen.

Het schip is in 130 delen verhuisd naar de hal van het Innovatiegilde Pakhuis Noorderhaven. Alle onderdelen zijn schoongemaakt en op schaal 1:10 getekend en gefotografeerd. Zo zijn alle constructiedetails en andere bijzonderheden vastgelegd.

Het schip

Foto van het gevonden wrak en tekening van wrakHoewel er nog veel onderzoek nodig is, zijn er al aanwijzingen over het type, de functie en de historie van het schip. Of beter, van de schuit, want het is volgens de typologie geen (gesloten) schip, maar een (open) schuit.

Grootte

De schuit is ruim 12 meter lang en op z’n breedst 2,7 meter. Het is een platbodem met een eiken vlak en een grenen vloer. De hoogte van de boord is 80 cm (drie eiken boordgangen). De schuit heeft een plecht en een ronde boeg met een gebogen steven. Waarschijnlijk bevond zich aan de achterzijde ook een steven.

Ouderdom

Dendrochronologisch onderzoek naar leeftijd praamHet eikenhout van het wrak is aan de hand van de jaarringen (‘dendrochronologisch’) gedateerd rond 1647. Het eikenhout kwam uit Oost Nederland of het aangrenzend Duitse gebied, het naaldhout uit Zuid Scandinavië. De schuit kan echter goed in Zutphen zijn gebouwd. Op steenworp afstand van de vindplaats lag in de 17e eeuw namelijk een scheepswerf. Het wrak is aangetroffen in een watergang onder een vestingwal die rond 1675 is aangelegd. Het schip is dus ongeveer tussen 1647 en 1670 gebruikt. 

Type

De schuit is een ‘praam’. De schipper duwde de boot voort door te bomen (‘punteren’) of door het schip vanaf de walkant voort te trekken (‘jagen’). Er zijn veel verschillende typen pramen. In de literatuur is nog niet eerder eenzelfde praam beschreven. Maar de kennis over de binnenscheepvaart voor 1700 is dan ook beperkt.

Functie

Tegel met afbeelding boer die koe vervoert op praamDe schuit lag in de 17e eeuw in de ‘contrescarpgracht’: een gracht vlak buiten de vestingwerken rond de stad. Men kon vanuit die gracht via een grote omweg over de Mars naar de IJssel varen. Pramen werden gebruikt voor allerlei klusjes, zoals het opschonen van vaargangen, herstel van kades en kribben, het oogsten van riet en hout, het ophalen van de melk van de stadskoeien die dagelijks door de melkmeisjes werden gemolken en het transport van de koeien op de stadsweiden.

Met name voor transport van koeien was de platbodem zeer geschikt. Koeien werden bij naderend hoog water, bij oorlogsgevaar en elke naderende winter naar de stad vervoerd. Op de vloer van het wrak zijn bakstenen gevonden. De praam zou op een laatste transport dus ook bakstenen kunnen hebben vervoerd.

Plannen

Het hout van het wrak is van wisselende conditie, van zeer slecht (pulp) tot zeer goed (zeer hard). Indien technisch mogelijk wordt het schip geconserveerd en gereconstrueerd. Of dat laatste haalbaar is wordt in de komende maanden bekend. Mocht dat lukken dan verdient de schuit een zichtbare plek in de stad, wellicht in de wijk Noorderhaven. In ieder geval zal er een maquette van gemaakt worden.

Foto's en video's

Foto's van het onderzoek aan het scheepswrak

Video's over de vondst en de demontage van het scheepswrak