Broekland

De broeklanden van het Leestensche Broek vormen de overgang tussen het dekzandgebied met kampen en essen en het IJsseldal.

De beplanting langs de wegen en de Leestense Laak geven structuur aan het landschap. Door de lage ligging en slechte ontwatering kent het broekgebied geen lange geschiedenis van intensief agrarisch gebruik.

Leestense veld

Voor 1850 was het Leestense veld een nat en open heideveld met plukjes elzenbos. De natte heidegronden zijn omgevormd tot grote landgoedbossen, die vaak particulier eigendom waren. Het hout werd voor diverse doeleinden gebruikt. Na de kap werden de gronden geschikt gemaakt voor landbouw. Dit is nu zichtbaar in het rechte wegenpatroon en de blokvormige kavels met veel sloten.

Beboste percelen, weiden en akkers wisselen elkaar af en bepalen het karakter van het gebied. De belangrijkste structurerende elementen zijn de Hekkelerdijk en Dennendijk (rechte wegen) en de Vierakkerse Laak en Leestense Laak.

Leestense Broek

Het Leestense Broek was een nat heidegebied. Het was de gemeenschappelijke markegrond van de marke Leesten. Na de opheffing van de marke zijn in de loop van de 19de eeuw de gronden verdeeld en ontgonnen. Door de afwisseling van kleine bospercelen, weiden en akkers heeft het gebied een kleinschalig karakter.

Markegenootschappen

Voor de ontginning en het beheer van de woeste gronden richtten de grondeigenaren markegenootschappen op. Hierdoor kon de boerenbevolking nieuwkomers weren. De woeste markegronden waren erg belangrijk voor het weiden van het vee, het steken van plaggen ter bemesting van de akkers op de enken en het kappen van hout.

Broekontginning

De broekontginning is een jong landschapstype. Pas in de 19e eeuw werden de lagere natte gronden van de dekzandvlaktes ontgonnen. Doordat ontwateringtechnieken steeds beter werden, werd het mogelijk deze gebieden geschikt te maken voor de landbouw.

Het landschap van het Leestense Broek is rechtlijnig ontgonnen. De natte gronden, juist kenmerkend voor broekgronden, zijn ingeplant met bos. Het landschap heeft een grote maat en schaal en het verkavelingspatroon is rationeel. Dit betekent dat het gebied ingedeeld is op de tekentafel.

Boerderijen zijn er relatief weinig en komen zeer verspreid in het landschap voor. Het rationele karakter van dit landschap kan door het herstellen en ontwikkelen van robuuste groene structuren versterkt worden. Binnen de robuuste groenstructuren is er ruimte voor efficiënte landbouw.